Ondersteuningstoeslag (Vlaams Groeipakket)

Als je na het lezen van de informatie op deze pagina nog vragen hebt, dan kan je contact opnemen met

  • Vlaams groeipakket via tel. 1700, elke werkdag van 9 tot 19 uur
  • Of het Agentschap Uitbetaling Groeipakket via tel. 02 897 10 60, elke werkdag van 8.30 tot 16.30 uur
  • Of via info@groeipakket.be

Op 1 januari 2023 werd het basisondersteuningsbudget (BOB) voor kinderen en jongeren tot 21 jaar omgevormd tot de ondersteuningstoeslag. Het BOB was een onderdeel van de Vlaamse Sociale Bescherming (VSB) en werd tot en met december 2022 betaald door een zorgkas. De ondersteuningstoeslag wordt sinds januari 2023 betaald via het Vlaams Groeipakket.

De ondersteuningstoeslag is, naast de zorgtoeslag, een extra ondersteuning voor kinderen met een erkende handicap of zorgbehoefte van minstens 12 punten op de medisch-sociale schaal. De ondersteuningstoeslag wil het kind en zijn gezin helpen om zelf hun leven en zorg te organiseren, en deelname aan de samenleving helpen verbeteren.

Voorwaarden

Om de ondersteuningstoeslag te ontvangen moet uw kind voldoen aan enkele cumulatieve voorwaarden:

  • Uw kind heeft minstens 12 punten op de medisch-sociale schaal.
  • Uw kind is jonger dan 21 jaar. U ontvangt de toeslag tot en met de maand waarin uw kind 21 wordt.
  • Uw kind heeft de Belgische nationaliteit of voldoet aan de verblijfsvoorwaarden.
  • Uw kind heeft zijn woonplaats in Vlaanderen of het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest.

Tot eind december 2022 was een aansluiting bij een zorgkas een voorwaarde voor het ontvangen van een BOB. Die voorwaarde valt weg in het Vlaams Groeipakket.

Als uw kind op 31 december 2022 een basisondersteuningsbudget (BOB) ontving omdat het op de wachtlijst van de Intersectorale Toegangspoort (ITP) stond op 30 juni 2015, kan het ook een ondersteuningstoeslag ontvangen ongeacht of het een attest van minstens 12 punten heeft en dit tot de maximumleeftijd van 25 jaar.

Situaties waarin u geen ondersteuningstoeslag ontvangt

Opgelet: in een aantal situaties kan de ondersteuningstoeslag ook geschorst worden. Dit is onder meer het geval wanneer het kind verblijft in een instelling of voorziening of wanneer het kind een beroep doet op andere ondersteuningsvormen, bv. een persoonlijke-assistentiebudget, een inkomensvervangende tegemoetkoming of integratietegemoetkoming:

  • Het kind verblijft in een door Opgroeien erkend centrum voor kinderzorg en gezinsondersteuning (CKG) via niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp.
  • Het kind zit opgesloten in een gevangenis, een inrichting tot bescherming van de maatschappij of een forensisch psychiatrisch centrum, georganiseerd door de federale overheid.
  • Het kind doet een beroep op een persoonlijke-assistentiebudget, een budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning, of persoonsvolgende middelen voor minderjarige personen met een handicap met dringende noden.
  • Het kind ontvangt een basisondersteuningsbudget van een zorgkas.
  • Het kind is jonger dan 21 jaar en ontvangt een inkomensvervangende tegemoetkoming of integratietegemoetkoming.
  • Het kind doet een beroep op een multifunctioneel centrum voor minderjarige personen met een handicap.
  • Het kind verblijft in een organisatie voor bijzondere jeugdzorg via niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp.
  • Het kind verblijft in een gemeenschapsinstelling of een unit voor geïnterneerden.
  • Het kind krijgt ondersteuning via een observatie-, diagnose- of behandelingsunit.
  • Het kind verblijft in een residentiële gehandicaptenvoorziening erkend door een andere Belgische overheid dan de Vlaamse.
  • Het kind verblijft in een vergelijkbare residentiële gehandicaptenvoorziening buiten België.
  • Het kind doet een beroep op een ambulante gehandicaptenvoorziening erkend door een andere Belgische overheid dan de Vlaamse.
  • Het kind doet een beroep op een ambulante gehandicaptenvoorziening buiten België.

Breng uw uitbetaler altijd op de hoogte als uw kind in een van deze situaties zit.

Bevindt uw kind zich niet meer in een van deze situaties, dan onderzoekt uw uitbetaler automatisch opnieuw het recht op de ondersteuningstoeslag.

Procedure

Uw kind woont in Vlaanderen

U moet geen aanvraag doen als uw kind in Vlaanderen woont. U ontvangt de ondersteuningstoeslag automatisch als het kind voldoet aan de voorwaarden.

Uw kind woont in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest

Ontvangt u al een Vlaams Groeipakket in Vlaanderen én kreeg u eerder al het basisondersteuningsbudget (BOB)? Uw uitbetaler van het Vlaams Groeipakket betaalt automatisch de ondersteuningstoeslag als uw kind er recht op heeft.

Kreeg u eerder nog geen basisondersteuningsbudget (BOB), maar voldoet uw kind wel aan de voorwaarden van de ondersteuningstoeslag? Dan moet u de ondersteuningstoeslag schriftelijk aanvragen bij een van de vijf uitbetalers van het Vlaams Groeipakket. Voeg bij de aanvraag het attest dat aantoont dat uw kind recht heeft op de verhoogde kinderbijslag o.b.v. minstens 12 punten op de medisch-sociale schaal. Het aanvraagformulier vindt u op de website van het Vlaams Groeipakket.

Financiële voordelen

Een overzicht van de bedragen vindt u op Vlaamsgroeipakket.be. Het Vlaams Groeipakket is een verzameling van financiële tegemoetkomingen. Raadpleeg het overzicht van alle financiële tegemoetkomingen binnen het Vlaams Groeipakket om te zien op welke toeslagen uw kind nog recht heeft. De ondersteuningstoeslag wordt uiterlijk betaald op de achtste dag van de volgende maand, samen met het Vlaams Groeipakket. De ondersteuningstoeslag voor januari 2026 ontvangt u dus op 8 februari 2026.

De ondersteuningstoeslag wordt betaald op hetzelfde rekeningnummer waarop het Vlaams Groeipakket betaald wordt. Dat kan een ander nummer zijn dan waarop het basisondersteuningsbudget (BOB) werd betaald.

Wie ontvangt de ondersteuningstoeslag?

Uw kind woont in Vlaanderen

Wie het Vlaams Groeipakket van het kind ontvangt, zal ook de ondersteuningstoeslag ontvangen.

Uw kind woont niet in Vlaanderen

De Vlaamse overheid betaalt de ondersteuningstoeslag aan de persoon die het Vlaams Groeipakket ontvangt. Is dit nog niet het geval? Dan wordt de ondersteuningstoeslag betaald aan de ouders van het kind of aan de persoon die instaat voor de opvoeding van het kind.

Naar top